De gevoelens van een bestuurder in de Brabantse zorg tijdens Corona

Vreemde kop niet waar?
Ja, maar als je in de thuiszorg werkt, zoals ik, dan begrijp je het wel.

Wat een proces!
Het eerste gevoel was: ‘Wuhan…. dat klinkt zo ver weg. Waar? Oh in China….’
Nog geen zorgen en lekker met wintersportvakantie naar Noord Italië.
Toen zette Corona schijnbaar daar in de buurt voet aan land.
Nog steeds een gevoel van ‘gewoon weer naar huis na het weekje skiën. En zie je wel: helemaal geen controle aan de grens.’

Maar na carnaval in Brabant werd het serieus en volgde al snel de ‘intelligente lockdown’ en werden sceptici als ik, helemaal stil. Corona kreeg vele gezichten.

Dan volgt ook het besef dat je tot de risicogroep behoort…. 65 plus, postoperatief, wintersport Italië en werken in Brabant. Oefff… !

Ik ben nog op letterlijke afstand als bestuurder en ervaar ik niet de directe spanning van alle dag van de duizenden verpleegkundigen en verzorgenden voor wie Corona letterlijk een gezicht krijgt. Dagelijks lopen zij met onzekerheid rond en vragen zoals: “ben ik besmet en wat doet dat met mijn gezin…., met mijn cliënten waar ik vaak al jarenlang kom”.

Veiligheid en zorgplicht
In een paar weken van onbevangenheid naar angst voor een onzichtbare en ook dodelijke sluipmoordenaar.
Als werkgever wil je voor de veiligheid en gezondheid van je gepassioneerde medewerkers pal blijven staan. Aan de andere kant dient de druk van de zorgplicht zich aan. Je laat je cliënten niet in de kou staan…

Corona levert dus ook enorm veel ethische en morele dilemma’s op.

Onmacht
Wat is nu mijn gevoel na deze eerste weken? Niet te vergelijken met de eerste vijf kilometers te hebben gelopen van de marathon.
Eerlijk gezegd voel ik me tekort geschoten. Je bent constant bezig de risico’s af te wegen van het beschikbaar hebben van onvoldoende beschermingsmiddelen, hopen dat medewerkers niet ziek worden. Daarnaast te maken hebben met de onmacht in het mediageweld van de ‘medische macht’. Alle ballen op de IC.
De honderdduizenden kwetsbare ouderen hebben helaas geen boegbeelden in de vorm van Specialisten Ouderengeneeskunde of een Florence Nightingale die dagelijks in Op1 of Jinek het woord mogen voeren.
Last van de negatieve framing, die collega werkgevers in de intramurale sector ten deel valt, die verweten wordt te weinig de belangen van de veiligheid van medewerkers en daarmee de patiënten te hebben gediend.
Eigenlijk ben ik ook boos op mezelf dat ik het Coronavirus te lang heb onderschat en onbewust, maar gelukkig altijd wel – met hangen en wurgen- medewerkers heb weten in te zetten in riskante situaties.

Wat kan ik er nog aan doen?
Het faciliteren van de medewerkers die met passie het zware werk bij de cliënten, achter de voordeur doen. Zorgen dat ze mentale bijstand krijgen, dat de beslommeringen uit hun handen worden genomen. Dat ze hun rust kunnen pakken. Dat ze weten dat je er voor ze wilt zijn en je er voor ze bent als ze je nodig hebben. Korte lijntjes…..

Toch eindig ik positief met trots
Ik ben uit de grond van mijn hart trots op alle verpleegkundigen, verzorgenden, mantelzorgers en dokters die al wekenlang het gevecht voeren en daarvoor in ieder geval de morele waardering en dankbaarheid krijgen die ze verdienen.
Ik ben er stil van….. en blijf de hoop koesteren dat het ons allemaal toch echt weer dichter bij elkaar brengt!

 

Charles Laurey
Naast samentafelaar ook bestuurder van een thuiszorgorganisatie in Veldhoven en Commissaris bij diverse zorgorganisaties

Hoezo anderhalve meter?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *