Als zoon van een elektriciën was ik al jong vertrouwd met de werking van elektrische apparaten. Ik zag de moeite die mensen in de jaren 60 hadden met de bediening van zulke toen als ingewikkeld ervaren machines als televisies en automatische wasmachines. Vaak ging ik als jonge jongen op verzoek van mijn vader naar klanten om kleine problemen op te lossen en voorlichting te geven. Soms moest enkel maar de stekker weer in het stopcontact gestoken, immers: zonder contact geen stroom en deden apparaten het niet. Je zou ook kunnen zeggen: ik was al vroeg een intermediair tussen mens en techniek, achteraf gezien een unieke service van de zaak.

Na mijn studie Andragologie 1974 (de studie van de mens in situaties van verandering) en na ruim 45 jaar ervaring in het werk als organisatiebegeleider – in de rol van executive coach, sparringpartner, opleider, intervisor of team- en organisatiecoach – ervaar ik nog steeds diezelfde sensatie van intermediair zijn. Nu richt ik me op een nog spannender onderwerp: het contact tussen de mens en de organisatie met haar heel eigen karakter en diversiteit aan belanghebbenden. Ook hier geldt: als er geen contact is stroomt ‘het’ niet….

Mijn werk lijkt wel bedoeld om mijn relaties vertrouwder te maken met de menselijke logica, onlogica, gevoelens, emoties, principes en mechanismen binnen een organisatorische context. Dat betekent: echt contact maken met wat er speelt, met de onderliggende mechanismen en gedragspatronen waardoor het niet loopt zoals je voor ogen hebt, met de verstoppingen of kortsluitingen die het contact in de weg zitten. Ooit kreeg ik hiervoor het treffende begrip ‘verborgen bestuurders’ aangereikt. Treffend, omdat er iets in de organisatie meer stuurkracht (b)lijkt te hebben dan jijzelf. Ik heb over dit alles geschreven in mijn boek ‘Leiderschap in Contact’, waarin naast mijn eigen verhandelingen acht contactuele leiders aan het woord komen.

In deze verwarrende en ongewisse tijd komt het meer dan ooit aan op de kwaliteit van contact. Enerzijds zijn er de beperkingen, onzekerheden en angsten die om aandacht vragen, anderzijds zie je verrassend nieuwe patronen ontstaan die ruim baan moeten krijgen. Patronen van (h)echt samen-werken, anders naar elkaar kijken, vervormde beelden loslaten, nieuwe perspectieven creëren. De kunst is steeds om de goede snaar te raken en de juiste weg te vinden. Om te ontdekken hoe je zelf op je eigen manier ‘in contact’ invloed kan uitoefenen, anders dan je gewend bent. Zodat medewerkers individueel en met elkaar hun energie en potentieel vrijmaken en voor hun organisatie inzetten. Omdat die een beetje van henzelf geworden is en je uiteindelijk kan spreken van een win-win situatie. Dit uitgangspunt vormt de basis van mijn werk, ik zie mezelf als een 'vrijmaker'.

Dries Oosterhof
vrijmaker