Trekken aan een dood paard?
Al vele malen in mijn leven hoorde ik: ‘stop er toch mee, het is trekken aan een dood paard’. Het lijkt wel een beetje onderdeel uit te maken van onze cultuur. Wat gebeurt er als iemand dat zegt?
Degene die het uitspreekt lijkt wijs, want hij of zij lijkt het geheel te overzien: de weg, het (dode) paard en datgene wat jij wilt bereiken. En het oordeel wordt geveld: het heeft geen zin, het paard is toch al dood, jij verandert er niks aan. ‘Je moet niet denken dat jij de ander kunt veranderen’. En inderdaad, als een paard dood is, verander je daar niets aan. ‘Zo werkt het nou eenmaal’. Andermaal komt de spreker wijs over, want hij overziet het geheel en kent bovendien de spelregels. Jij moet ze alleen nog leren kennen. En er gebeurt nog iets: ‘case closed’ en als we hierin meegaan hoeft niemand er nog iets mee, al helemaal niet degene die de uitspraak bezigt. Hij staat op afstand, kijkt ernaar, oordeelt en maakt geen onderdeel uit van dat tafereel, jij met dat paard.
Ik zou graag de volgende vragen willen stellen:
Is het paard wel dood? Wie zijn wij om te bepalen dat dit zo is? Is het niet aanmatigend en een beetje gemakkelijk?
Is het proces van trekken aan een paard, dood verondersteld, in ieder geval moeizaam van zijn plek krijgend, niet ook erg belangrijk? Want los van het oordeel over het paard, is jouw inzet om de weg weer vrij te krijgen niet van belang, los van het mogelijke resultaat? Gaat het om het paard, of om de weg begaanbaar maken? Als jij weet dat je je best ergens voor doet, dan kan de ander zich daartoe verhouden. Je gaat niet over de reactie van de ander, wel over waar jij voor staat. Is dat niet vele malen belangrijker? Als je je rug toekeert en doorloopt, dan zullen we niet weten waar je eigenlijk voor staat.
En dan misschien de meest wezenlijke vraag: waarom staat de persoon in kwestie alleen te trekken aan dat dode paard? Als een dood paard op de weg ligt en een hindernis vormt voor velen die de weg over moeten, waarom helpen we elkaar dan niet een handje? Want eenieder begrijpt dat het niet zal lukken, één persoon tegenover een dood paard. Maar samen lukt het wel.
Daarom zou ik willen oproepen om niet te gemakkelijk een dergelijke uitspraak te doen, maar je af te vragen welke rol jij kunt spelen. Het is goed te beseffen dat je door het bezigen van zo’n uitdrukking ook cultuur vormend bezig bent.
De persoonlijke kracht is voor eenieder verschillend, waardoor de één het sjorren en trekken nu eenmaal langer kan volhouden dan de ander. Maar samen bereiken we meer. In ons land zijn zowel sociale, economische, ecologische, maar ook culturele veranderingen van belang. Ze zijn allemaal van even groot belang en kunnen niet zonder elkaar. Deze veranderingen kunnen slagen, omdat wij mensen dit samen kunnen doen, als we willen. Daarom stel ik graag de volgende uitdrukking er tegenover: Waar een wil is, is een weg.